Een bestuursadviseur van een gemeente vertelt dat zij zichtbaarder wil worden als adviseur. Na enig doorpraten blijkt eigenlijk dat dit in de eerste plaats een wens van haar leidinggevende is. Wel een wens waar zij zich in kan vinden. Wat later, als het over een professioneel werkstuk gaat, valt op dat zij heel actief onderzoekt waar dat volgens collega’s over moet gaan. Wat zij nu eigenlijk zelf echt belangrijk vindt en zou willen, blijft impliciet. Het lijkt of zij haar omgeving vraagt de grenzen te trekken waarbinnen zij mag bewegen. Om vervolgens, weliswaar in harmonie, onopvallend en onzichtbaar te blijven.

Hoe voor de hand ligt het met deze professional te gaan brainstormen hoe zij zich wat autonomer en assertiever zou kunnen gaan opstellen? En hoeveel zou dat opleveren?
Een controller introduceert zich als een beer. Enerzijds een aaibare knuffel- of teddybeer. Maar ook een grote, sterke en af en toe wat lompe beer die met een grom of een uithaal met z’n poot flink schade kan berokkenen. Hij is zich hiervan bewust en heeft geleerd de gevaarlijke kant van de beer in te tomen. Na een aantal contacten blijkt dat toch een prijskaartje te hebben. Die beheersing leidt op spanningsvolle momenten tot contactverlies en ondermijnt een constructief adviesgesprek. Terwijl innerlijk de woede zich opstapelt.
Bieden praktische tips over contact houden in spanningsvolle situaties hier soelaas? Misschien wel, maar ik denk op z’n best tijdelijk. Door zo klein te kijken blijven oplossingen instrumenteel en beperkt.
Wat helpt de ontwikkeling van deze professionals nu echt verder?

Wij mensen zijn patroondieren. We zijn er meesters in om in de meest complexe situaties onderdelen en elementen te herkennen die we eerder hebben meegemaakt. Vaak totaal onbewust overigens. Om, al even onbewust, gebruik te maken van deze ervaringen bij het omgaan met de situatie. De hele bildung van een professional is hierop gericht. Naast kennis maakt de professional zich talloze beproefde professionele handelingspatronen eigen. Zowel in de opleidingsfase als daarna. In de meeste gevallen uiterst productief en succesvol.
Hetzelfde geldt voor onze complete levenservaring. Van jongs af aan ontwikkelen we patronen hoe met de geneugten en gevaren van de wereld om ons heen om te gaan. En ook die blijven we levenslang reproduceren. Vaak met veel succes. Maar soms ook niet.

Sommige patronen zijn ontstaan en ingesleten op een moment dat we nog niet de volwassen professional waren die we nu zijn. Maar onbewust blijven we ze reproduceren, ook als deze hier en nu niet zo effectief zijn. De bedrading voor deze onbewuste patronen ligt zo diep en is tegelijk zo krachtig dat ze het bij het minste of geringste weer wint van de tips & trucs. Zoals leergoeroe Chris Argyris het ooit zei: ‘We leven allemaal in een mentale gevangenis, waar we pas uit kunnen ontsnappen als we zien waar de muren staan’.

En precies daar ligt de belofte. Tips en trucs zijn mooi en nuttig als professioneel en persoonlijk gereedschap. Niks mis mee. Die komen ook ruimschoots aan de orde tijdens de leergang Meesterschap in Adviseren. Maar soms is dat te beperkt. Dan moet je eerst ruimte maken door uit te zoomen. In welke professionele of persoonlijke omgeving is dit ontstaan en waar was het goed voor?

Hoe heeft de bestuursadviseur zich staande gehouden in het gezin waar zij opgroeide? Door zich aan te passen en in te houden. En door een verbeeldingskracht te ontwikkelen waar zij zichzelf in kwijt kon, zonder anderen tot last te zijn. Een vermogen dat haar geknipt maakt op haar vakgebied van ruimtelijke kwaliteit! Maar het aanpassen en inhouden, wat ooit zo nuttig was, ondergraaft nu haar advieseffectiviteit.
Eenmaal bewust van dit patroon blijkt het zich niet alleen tot haar professionele leven te beperken. Ook thuis ontstaat ruimte het erover te hebben en onverwachte steun om zich te ontwikkelen. Door eigen verlangens en ambities te leren onderkennen en plek te geven en van daaruit grenzen op te rekken, in plaats van zich aan te passen. Ze komt tevoorschijn over de hele linie!
En de controller? Die zoomt uit naar zijn professionele achtergrond als expert. Die had geleerd een onafhankelijk oordeel te vellen boven en buiten alle belanghebbende partijen. En zich zo boven z’n klanten te plaatsen. Die zijn adviezen juist op die momenten niet meer konden en wilden aannemen. En hij zoomt uit naar zijn levenservaring waar de temperamentvolle beer had geleerd zich te beheersen. Vanbuiten bevroren en vanbinnen kokend.
Door zo te kijken ontstaat bij hem herkenning in talloze andere situaties waar dit patroon in een of andere vorm terugkomt. En kan hij stap voor stap repertoire ontwikkelen om zijn meningen en ambities niet langer zwart-wit op te leggen of in te slikken, maar in contact en co-creatie een plek te geven.

Door zo, met behulp van verschillende brillen, te kijken naar patronen en hun ‘functionaliteit-in-context’ ontstaat ruimte. Ruimte om niet langer samen te vallen met je reflexen. Ruimte om de eigenaardigheden van anderen en jezelf beter te begrijpen en milder tegemoet te treden. Ruimte om professionele reacties te ontwikkelen die beter passen bij jouw situatie, jouw klanten en collega’s en jouw persoon. Professionele ontwikkelruimte. Dat is wat de leergang Meesterschap in Adviseren je biedt en wat de deelnemers telkens weer voluit aangrijpen om hun eigen meesterschap verder te ontwikkelen.

Paul Kloosterboer is kerndocent van de leergang Meesterschap in Adviseren. In de leergang staat adviseren in het complexe en spanningsvolle organisatorische netwerk centraal. Op 4 september 2017 vindt er een proefcollege plaats en op 2 november 2017 gaat de volgende editie van start. Wilt u meer weten? Download hier de brochure.

 

 

1antwoord
  • Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *