Door de corona-crisis hebben we het ineens over cruciale beroepen en vitale sectoren. De beroepsgroepen die er voor zorgen dat de samenleving blijft draaien. Het monomane denken over winst in termen van geld, was al een beetje terrein aan het verliezen. Krijgen we door deze crisis steeds scherper wat echt belangrijk is? Berend van der Kolk, tegenwoordig Assistant Professor bij de IE Business School schreef een aantal jaren geleden een artikel voor ons over de schijnbare tegenstelling tussen ethiek en bedrijfseconomie. Hij stelde dat waardecreatie niet alleen maar over geld gaat.

Bedrijfseconomie en ethiek, verschillende werelden?

Berend gaf les in zowel bedrijfseconomie als ethiek bij de Rijksuniversiteit Groningen. Terwijl de tekstboeken voor de bedrijfseconomische vakken leren dat de keuze voor het outsourcen en offshoren van producten of diensten de juiste keuze is in sommige gevallen, worden bij de ethiek-vakken dergelijke beslissingen vaak in twijfel getrokken. Dit gebeurt vaak met een beroep op morele argumenten over de verantwoordelijkheid van organisaties en de erbarmelijke werkomstandigheden elders.

Opvallend is dat bedrijfseconomie en ethiek vaak verschillende ‘werelden’ lijken te zijn. Ondanks het feit dat Adam Smith, door velen gezien als grondlegger van de moderne economie, eigenlijk een aanstelling had als moraalfilosoof en hij in zijn gezamenlijke werken economie en moraal verbindt (The Wealth of Nations als The Theory of Moral Sentiments), bestaan er over en weer nog veel karikaturen. Vanuit economen bezien lijken ethici vaak moraalridders die oneindig blijven reflecteren zonder daadwerkelijk met de voeten in de modder te staan, terwijl economen door ethici niet zelden worden neergezet als cijfergerichte freaks met een beperkt moreel kompas en een negatief mensbeeld.

Niet alles is te koop

Gelukkig neemt het besef dat de twee disciplines elkaar kunnen – en zouden moeten – aanvullen steeds meer toe. Het feit dat boeken als die van filosoof Michael Sandel (Niet alles is te koop) en filosoof-econoom Tomas Sedlacek (De economie van goed en kwaad) bestsellers zijn geworden, geeft blijk van een toenadering van de twee gebieden. Maar is dat niet heel problematisch? Dicteren beide disciplines niet volstrekt andere dingen als het aankomt op keuzes maken in organisaties?

De kosten en baten van ethiek

Giles Fraser, verbonden aan de Anglicaanse kerk, gaf colleges over ethiek bij de Britse krijgsmacht. Eén van de grote zorgen die hij deelde tijdens een lezing was dat hij bang was dat hij de militairen misschien zwakker maakte door hen colleges over ethiek te geven. Zijn argument hiervoor was dat in situaties waarin soldaten opereren er vaak weinig tijd en informatie is, waardoor snel handelen vaak geboden is. Door meer kennis over ethiek op te doen, kunnen soldaten meer overwegingen maken in crisissituaties, wat moreel ‘betere’ beslissingen kan opleveren, maar ook meer tijd zou kunnen kosten. Maar in een oorlogsgebied kan té lang nadenken tot de dood van jou of je collega’s leiden. Ben je met al die ethische bagage dan niet juist slechter af?

Soortgelijke opvattingen kom je – impliciet of expliciet – gelukkig wel in steeds mindere mate, ook in sommige organisaties tegen: “Principes kosten alleen maar geld” en “Onze verantwoordelijkheid is om geld voor aandeelhouders te verdienen, meer niet”. Als aandacht voor bedrijfsethiek, of bijvoorbeeld specifieker, de winst al te zeer drukt, kan dit negatieve effecten hebben. Ethische afwegingen worden derhalve door de ‘economische werkelijkheid’ verdrukt, om maar meer geld te kunnen verdienen.

Waarden en normen mogen wat kosten

In de Tweede Wereldoorlog werd Winston Churchill gevraagd te bezuinigen op kunst om zo de dure oorlog te kunnen blijven bekostigen. Zijn reactie op deze vraag vind ik erg veelzeggend: “then, what are we fighting for?” Dit antwoord laat ons zien dat waarden en normen wat mogen kosten. Als wij stoppen te reflecteren op de ethiek van economie en bedrijfskunde, dan verliezen we uit het oog dat ze elkaar juist nodig hebben van tijd tot tijd en dat Adam Smith ze juist wél in samenhang beschouwde. Waardecreatie gaat niet alleen maar over geld. Wat hebben we als samenleving aan organisaties die wel zeggen waarde te creëren, maar zelf geen enkele waarde meer hooghouden? En, wie wil eigenlijk in zo’n organisatie werken?

Wil jij jouw visie vormen op hoe jij en daarmee jouw organisatie zich zou moeten verhouden tot dit soort dilemma's?

De leergang Filosofie in Organisaties verbindt vraagstukken uit de bedrijfseconomie met filosofie. Het bevragen en kritisch belichten van bedrijfseconomische antwoorden faciliteert een beter en doorwrochter begrip van dilemma’s uit de praktijk. Dit kan ondersteunend zijn bij toekomstige moeilijke beslissingen.

Berend van der Kolk doceerde een aantal jaren bij AOG School of Management bedrijfsethiek bij de leergang Bestuurlijk Leiderschap. Tegenwoordig is hij Assistant Professor bij de IE Business School in Madrid. Hij studeerde accounting, filosofie en bedrijfskunde. Hij promoveerde aan de Rijksuniversiteit Groningen op een proefschrift over management accounting in de publieke sector.

0 antwoorden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *